verhaal
Slenterzucht
Notities uit Antwerpen
Recht tegenover mij leunt een ouderwetse leren boekentas tegen de dij van haar besnorde eigenaar. Voor meneer had ik graag de uitdrukking ‘op leeftijd’gebruikt, maar daar ben ik de laatste tijd voorzichtig in geworden. Steeds vaker moet ik vaststellen dat heren die mij op leeftijd lijken eigenlijk jonger zijn dan ik.
Tarbotstraat
Of ik weet waar de Tarbotstraat precies is, vraagt de man. Dat is hier in de onmiddellijke buurt, zeg ik. Ergens in die richting. Of neen, wacht!
Nog twee keer slapen
Een man op het strand. Niet meer dan een schim in tegenlicht. Hij wuift. Naar zijn vrouw. Een vriend. Zijn hond.
Lach, vampier
Hij is haar vrolijke vampier. Elke avond, na zonsondergang, verschijnselt hij waanzinnig gillend in haar kamertje. Met het donsdeken tot net onder de neus, ligt ze hem op te wachten.
Mijn rechtervoet
Voor dag en dauw uit je bed rollen is voor lieden zoals ik, die gebukt gaan onder een zeker ochtendhumeur, niet zonder ergernissen.
Eindeloos vibreren
Ik sta midden op de Scheldebrug van Temse, wachtend op de duisternis. Het is een kille avond in maart. IJskoude regen geselt mijn gezicht. Een gure wind trekt en sleurt aan de indrukwekkende stalen constructie onder mijn voeten.
Begijnhofstilte
Voor het eerst een begijnhof betreden, is een bizarre, haast spirituele ervaring. Het is de stilte, die vederlicht over je heen spoelt en als spinrag aan je lijf blijft kleven.
Ecume de mer
Waar dat schuim vandaan komt, vraag ik. Ik loop er al een tijdje over te tobben. Hij - bron van zoveel kennis die ik niet heb - kan het misschien weten.